Weerstand


Weerstand

Daar sta je dan. Wetend dat je zo niet verder wilt/kunt. Vast in je patroon. Jaren hetzelfde pad bewandelt. Op dezelfde wijze gedacht. Op dezelfde wijze gehandeld.

En nu zit je vast. En gek genoeg ben je daar onbewust nog trots op ook. Want: Ik ben eigenwijs. En: Ik kan er niks mee.

In deze twee zinnen zit zoveel weerstand….

We hebben geleerd onze blik te versmallen. Door de jaren heen. Ieder om ons heen wist wel waar we moesten gaan. Vooral niet jouw route, maar de route van fatsoen, maatschappij. Nu lopen we nog in een soort van tunnelbak. Om ons heen zien we alleen nog maar donker. Donkergrijs. Zwart. Over de rand heen kijken is allang niet meer mogelijk.

Het leven liet je steeds verder de bak in wandelen. Want je erbuiten begeven was in eerste instantie “ Not done.” Daar vond ‘men’ wel wat van. En dus paste je je aan. Want naar jezelf leren luisteren had niemand je geleerd. Steeds verder loop je op een vaste route. Wat hoort. Zoals het in de maatschappij gaat. Zoals een ieder dat doet.

Je waagde je er niet meer buiten. Daar stootte je je hoofd al vaker. Niet veilig. Men was het dan niet met je eens.

Dus je bouwde een tunnelbak om je gevoel. Om wat JIJ nu eigenlijk wilt. Dikke lagen beton in de muren. Vol weerstand. NIEMAND krijgt ze om. Want IK ben eigenwijs. En controle loslaten is niet iets wat daarbij hoort of past.

Maar nu loop je vast. Vast in je eigen bouwsel. In jouw creatie. In jouw bak. Mensen om je heen ben je gaan buitensluiten. Je kon/kan het wel alleen. Maar je graaft een graf in je eigen binnenwereld.

Steeds harder worden je woorden naar jezelf. Kwetsend. Pijnlijk. Straffend. Martelend. Naar anderen die je de hand reiken: Ik kan er niks mee.

Met andere woorden: Weigeren om te bewegen. Te bewegen naar routes die je niet kent. Je houdt jezelf gevangen achter je eigen weerstand. Onbewust overheerst de angst voor het onbekende.

Want controle loslaten en overgeven aan staat niet in je woordenboek. Geen idee wie je dan nog bent. Want naar jezelf, naar jou, naar jouw innerlijke ik, naar jouw gevoel heb je niet eerder geluisterd.

Dus ik blijf veilig achter mijn muur zitten.

Totdat iemand een licht schijnt, op jouw prachtige ziel. Op jouw werkelijke bestaan. Op jouw waardevolle bijdrage in deze wereld. Op jouw uniek Zijn. En je een route biedt. Je weet dat er nog meer opties zijn. Maar:

Dan nog gaat de weerstand in volle kracht aan.

 

Je hebt niemand nodig, stil en oprecht… toch?

 

Jij kunt het wel alleen…..

En weer loop je vast.

En weer is daar de weerstand. En voel je je belabberd. In cirkeltjes draai je rond.

Pas als je om hulp vraagt, durft te vragen, toelaat, dan kun je voorzichtig stapjes zetten. Je denkt dat het falen is, om om hulp te vragen. Maar er is geen grotere kracht dan dit te doen.

Je betonnen tunnelbak blijkt een illusie die jij in stand houdt. Daar waar je dacht de buitenwereld buiten te sluiten, blijk je jezelf buiten te sluiten van de wereld.

De eerste keer een stap zetten, dwars door je weerstand heen, opschuiven, is het aller moeilijkst.

Ik weet zelf nog heel goed hoe dat voelde. Ook ik weigerde ooit op te schuiven. Maar degene die mij de hand reikte smeekte me om het te doen. Ik wist dat ik op dat moment moest, anders brak ik zijn hart. Dat kon ik niet laten gebeuren. En dus schoof ik op. Zo eigenwijs als ik ook was.

 

Ik wist niet wat er gebeurde… er viel ineens zoveel weerstand weg… was dit nu alles waar ik me zo druk om had gemaakt? Er kwam een scala aan mogelijkheden in mijn zicht.

 

En zo vervolgde ik mijn nieuw ingeslagen weg. En daar gooide ik weer weerstand op. En werd me bewust. En schoof weer op.

Totdat het opschuiven iets gewoons werd… en zo brak ik mijn eigen tunnelbak helemaal af. Al mijn muren, sloten, kettingen en slotgrachten werden verwijderd.

Laagje voor laagje veegde ik het stof van mijn gevoel. Zo leerde ik luisteren naar wat IK nu eigenlijk wilde. En koos, steeds beter voor mijzelf.

En ging me beter voelen. Minder weerstand zorgt voor een betere geleiding!

Als je het niet ziet zitten, vraag dan om hulp. Neem de uitgestoken hand toch alsjeblieft aan. Ga naar iemand en deel je verdriet, je pijn. Laat het licht erop schijnen. Vraag niet om medelijden, maar om verlossing van je pijn.

Vraag om hulp.

Vraag om verlost te worden van het kwade stemmetje in je hoofd, dat je alleen maar verteld hoe slecht je bent, hoe schuldig, hoeveel pijn je anderen doet. (HvL L.3)

Het is niet de waarheid.

Geef je weerstand op, en sta jezelf toe geholpen te mogen worden.

 

Dan kun je op je eigen wijze je pad vervolgen en zeggen: Dankjewel. Daar kan ik iets mee!

 

In liefdevolle waardering,

Gaab x

 

 

 


Leave a comment